Albanië onder het stalinisme

Albanië, een klein land in Zuid-Europa aan de grens met Griekenland, Kosovo, Montenegro en Macedonië. Tot 1992 droeg het land de naam; Socialistische Volksrepubliek Albanië en werd bestuurd door de stalinistische; Albanese Partij van de Arbeid. Boegbeeld van deze volksrepubliek was Enver Hoxha die bekend stond als een klassieke stalinist en een Albanese nationalist. Hoxha werd leider van de Albanese Communistische Partij tijdens de tweede wereld oorlog en stichtte in 1944 een eigen regering. Na de oorlog werd zijn communistische partij hernoemt in de Albanese Partij van de Arbeid, maar behield haar stalinistisch programma!

Enver Hoxha ontwikkelde zich tot een paranoïde dictator, die 700.000 bunkers liet bouwen en het land systematisch afsloot van de buitenwereld. Pas na zijn dood in 1985 opende Albanië haar deuren, de eerste vrije verkiezingen vonden plaats in 1991. Toen liberaal conservatieven in 1992 aan de macht kwamen voerde ze het kapitalisme in, wat voor veel armoede zorgde. Het ging zelfs zo ver dat in 1997 het volk massaal in opstand kwam tegen de corrupte liberaal conservatieven!

Het Vorstendom Albanië werd in 1914 opgericht, maar al in 1917 weer ontbonden. Albanië werd na de eerste wereld oorlog een zelfstandige republiek, die echter in 1928 een protectoraat van Italië werd. De fascistische Italianen riepen het Koninkrijk Albanië uit dat tot 1944 bestond. Toen de Italianen van kant wisselde namen de Duitsers bezit van het koninkrijk en lieten de locale extreem rechtse partij aan de macht zetten. Die bleken echter niet in staat om het groeide partizanenleger tegen te houden!

Verzetsstrijders van het Nationale Bevrijdingsfront versloegen de Duitsers in 1944 en stichtte de Democratische Overheid van Albanië. Hoewel in naam democratisch, was er van echte democratie geen spraken. Het Nationale Bevrijdingsfront was een front organisatie van de Albanese Communistische Partij. Deze werd geleid door Enver Hoxha, hij was slechts 36 jaar oud toen de Duitsers verslagen werden. Hoxha liet meteen anticommunistische verzetsstrijders oppakken en opsluiten. Ook communisten die het niet eens waren met zijn beleid werden genadeloos vervolgt!

Op 11 januari 1946 werd de Volksrepubliek Albanië uitgeroepen. Hoxha werd minister president en ook benoemd tot voorzitter van de nieuwe Albanese Partij van de Arbeid. Het land kreeg een typische stalinistische economie, met nadruk op industrialisatie en ontwikkeling. Albanië was een boeren land en bezat nauwelijks industrie. De stalinisten gingen nadruk leggen op ontwikkeling van de mens en economische groei. Net als Joseph Stalin wou Enver Hoxha een nieuwe mens creëren, een mens dat kritiekloos de wil van de partij volgde en natuurlijk diens ”Grote Leider”. Voor religieuze mensen was geen plaats in de ”socialistische” heilstaat. Hoxha sloot kerken en moskeeën, tot 1988 was het verboden om een religie te beoefenen in Albanië. De dictator ging zelfs zo ver dat in de grondwet werd opgenomen dat het land de religie volledig afwees!

Tussen Hoxha’s Albanië en Tito’s Joegoslavië heerste al snel een diepe minachting voor elkaar. Hoewel een vriendschapspact gesloten werd in 1946, kregen beidde landen ruzie. Deze ruzie ging voornamelijk om economische belangen. Tito en Hoxha waren daarnaast zeer nationalistisch en wouden hun landen sterk maken. Joegoslavië was economisch sterker dan het achtergestelde Albanië. Daarom koos Joseph Stalin en de Sovjet-Unie voor Tito, die moest Albanië economisch opslokken vond het Kremlin. Hoxha wist echter van de breuk tussen Stalin en Tito te profiteren. Het klassiek stalinistische Albanië leverde felle kritiek op Joegoslavië en noemde Tito een ”trotskistische-fascist”. Hierdoor kreeg het land massieve economische steun van Moskou, wat Hoxha’s positie versterkte!

Eind jaren 40, begon Enver Hoxha met de eerste grote zuiveringen. Vooral aanhangers van Tito werd geroyeerd en gevangengezet. Ook stalinisten die niet 100% loyaal waren aan de idealen van Hoxha werden zonder pardon vervolgt en als ”contra-revolutionair” of ”titoist” opgepakt. Al in 1949 liet Hoxha veel voormalige strijdmakkers oppakken en afvoeren. Na enkele showprocessen werden die dan ter dood veroordeeld en geëxecuteerd. Volgens klassiek stalinistische richtlijnen werden de slachtoffers vreselijk gemarteld om een ”bekentenis” te krijgen. Meestal hield zo’n bekentenis in dat de slachtoffers tot een ”trotskistisch-fascistische cel” behoorde of dat ze loyaal waren aan de ”verrader en anticommunist” Tito zoals de staatsmedia beweerde!

Met het westen had Albanië een zeer slechte relatie. Zeker omdat na 1946 de westerse landen probeerde het stalinistische regime omver te werpen. Anticommunistische monarchisten werden getraind in Griekenland om Enver Hoxha te doden. Echter door de steun van boeren en jonge nationalisten, bleef de klassieke stalinist aan de macht. Niemand in Albanië wou terug naar de tijden van de monarchie, wat de positie van Hoxha versterkte. Met nationalistische propaganda wist hij veel steun te winnen. De Amerikanen en Britten werkte samen met aanhangers van de verdreven koning. Zo kon de staatsmedia alle tegenstanders neerzetten als ”monarchistische contrarevolutionairen”.

Ondanks de beperkingen van de stalinistische planeconomie, werden grote vooruitgangen geboekt op het gebied van gezondheidszorg en onderwijs. Tot 1946 mochten alleen mannen naar school en hadden alleen de rijken toegang tot goede gezondheidszorg. Enver Hoxha maakte de gezondheidszorg volledig gratis en opende het onderwijs voor meisjes. Vrouwen mochten voor het eerst participeren in de Albanese samenleving en Hoxha maakte iedereen monddood die kritiek had op zijn vrouwenbeleid. Toch moet wel vermeld worden dan de stalinisten niet zo vrouw vriendelijk waren. Abortus werd namelijk verboden, ook scheiden was taboe in het ”socialistische” paradijs van de PPSh (Albanese Partij van de Arbeid)!

Net als bijna alle klassieke stalinisten bouwde Enver Hoxha aan een massieve persoonlijkheidscultus. Een bekend lied uit die periode was: ”Enver Hoxha Tungjatjeta”. Dit lied werd vaak gezongen door partijleden en bijna overal waar de dictator langskwam. Omdat Albanië samen met Joegoslavië zichzelf had bevrijd van de Italianen en Duitsers, waren de partizanenleiders echte helden. Enver Hoxha en Josip Broz Tito hadden in de ogen van vele een legitiem recht om hun land te leiden. Dit versterkte de persoonlijkheidscultus, iets wat je tegenwoordig nog ziet in Noord Korea. Ook Kim Il Sung was een partizanenleider!

Toen Stalin in 1953 overleed, durfde Hoxha niet naar zijn begrafenis te gaan. Hij vreesde dat de nieuwe leiders van de USSR zouden proberen hem opzij te zetten. Dit bleek inderdaad wat Sovjet leider; Nikita Khrushchev wou. Toen die zijn anti-Stalin toespraak hield in 1956, kwam dit aan als een shock bij de Albanese stalinisten. Hoxha was al zeer kritisch over de houding van Khrushchev tegenover het westen. Net als zijn icoon Stalin wou Hoxha een politiek van confrontaties met kapitalistische landen. Khrushchev dacht anders en vond dat ”socialistische” landen in vrede naast kapitalistische landen konden leven. Voor Hoxha was dit heiligschennis en  verraad aan de revolutionaire opvattingen van het marxisme-leninisme (stalinisme)!

Albanië keerde zich af van de Sovjet-Unie. Enver Hoxha koos de kant van de maoïstische; Volksrepubliek China en verklaarde dat Albanië een maoïstisch staatsbestuur moest krijgen. Als klassieke stalinist past het revolutionaire dogmatisme van de maoïsten, perfect binnen de totalitaire cultuur van de Volksrepubliek Albanië. In 1960 kwam het tot een harde confrontatie tussen Moskou en Beijing, waarbij de Albanese stalinisten de kant van Beijing kozen. De Sovjet-Unie verbrak alle relaties met Albanië, waardoor Enver Hoxha volledig afhankelijk werd van de Volksrepubliek China. Echter doordat China ver weg lag, was Albanië min of meer volledig afgesloten van de wereld. Samenwerking met andere landen was zeer minimaal!

Net als Mao Zedong voerde Enver Hoxha een eigen Culturele Revolutie door. Dat begon in 1966 en had grote gevolgen. Zo werden rangen in het leger afgeschaft, salarissen van ambtenaren dramatisch verlaagd en werden veel stedelingen gedwongen om op het platteland te gaan werken. Doordat ambtenaren gedwongen werden om ”proletarisch” werk te doen, viel de hele staatsbureaucratie in elkaar. Het resultaat was administratieve chaos, maar net als Mao Zedong had Enver Hoxha daar geen oog voor. Revolutionair dogmatisme moest heersen en iedereen die anders dacht, was een ”contra-revolutionair” brulde de staatsmedia. Het hoogtepunt van de Albanese Culturele Revolutie was de aanval op de religie. Trots beweerde Hoxha in 1967, dat religie volledig uitgeroeid was in Albanië. Geen enkel stalinistisch land had ooit beweert dat religie volledig vernietigd was. Zelfs de maoïstische Volksrepubliek China ging niet zo ver!

De angst voor een Joegoslavische invasie beheerste de geest van Hoxha. Daarom moesten 700.000 bunkers gebouwd worden langs de grens met Joegoslavië. Het bouwen van deze bunkers kostte een fortuin, terwijl de armoede door de isolatie juist toenam. Toen Nikita Khrushchev werd afgezet (mede door de Cuba Crisis) hoopte Enver Hoxha dat de Sovjet-Unie weer klassiek stalinistisch zou worden. Maar de bureaucratie in Moskou moest niets hebben van het oude revolutionaire dogmatisme van Stalin. De conservatieven in het Kremlin schoven Leonid Brezhnev naar voren. Hij was minder liberaal dan Khrushchev en veel conservatiever. Echter terug naar de klassiek stalinistische periode wou ook Brezhnev niet. Volgens Albanië was de Sovjet-Unie een ”sociaal imperialistisch” land geworden. Deze term had Hoxha van China!

In de jaren 70 merkte Enver Hoxha dat hij ouder werd. De absolute leider van de PPSh was vaker afwezig en nam ook meer vakantie dagen. Het werd duidelijk dat hij minder actief werd en daarom begon men te speculeren over een opvolger. In 1976 nam Albanië een nieuwe grondwet aan. In die grondwet werd het land de Socialistische Volksrepubliek Albanië genoemd, waarbij natie en volk verheerlijkt werden. In feite was het regime van Hoxha erg nationalistisch, een trend min of meer bij het stalinisme hoort. Aangezien stalinisten geen internationalisten zijn, zoeken ze legitimiteit in keihard nationalisme. Zo voerde de Bulgaarse stalinisten een bewind dat etnische Turken dwong om hun namen te veranderen in Bulgaarse namen. Ook Mao Zedong voerde een bewind die de Han-Chinezen voortrok. Albanees nationalisme behoorde tot de stalinistische ideologie van de PPSh!

Enver Hoxha had een troonopvolger gevonden. Daarvoor moest echter zijn oude vriend; Mehmet Shehu wijken. Hoxha probeerde Shehu te overtuigen om vrijwillig afstand te doen van zijn positie. Echter hij weigerde en dus zette Hoxha de partij tegen Mehmet Shehu op. Alle leden van het politbureau moesten hem neerzetten als een ”klassenverrader” omdat hij zijn dochter had laten trouwen met een man die uit een bourgeois familie kwam. Verrader door zijn beste vriend Hoxha en in de steek gelaten door die mensen waarvan Mehmet Shehu dacht dat het zijn vrienden waren, pleegde hij in december 1981 zelfmoord. Hoxha beweerde na zijn dood dat hij een spion van Amerika was. In werkelijkheid moest Shehu plaats maken voor de lieveling van de dictator: Ramiz Alia!

Ramiz Alia was al 20 jaar lid van het politbureau van de PPSh en een slaafse volgeling van Enver Hoxha. Die zag in hem de perfecte troonopvolger. Terwijl Hoxha achteruit liep in de jaren 80, nam Ramiz Alia steeds meer taken van de oude dictator over. Op 11 april 1985, stierf Enver Hoxha op 76 jarige leeftijd. Het hele land was in diepe rouw om de man, die door de staatspropaganda was neergezet als ”vader”. Een maand na de dood van Hoxha nam Alia het voorzitterschap van de Albanese Partij van de Arbeid over!

De nieuwe leider van Albanië bleef de eerste vier jaar trouw aan het klassieke stalinisme van zijn meester. Maar ook hij kon niet voorkomen dat de Albanezen voor hun vrijheid gingen demonstreren. Het waren vooral studenten die eind 1990 de straat opgingen om te pleiten voor hervormingen. Ramiz Alia had geweld kunnen gebruiken, maar hij vreesde een bloedbad volgens Roemeens model. De top van de PPSh legaliseerde oppositie partijen en maakte een einde aan de eenpartijstaat. Op 31 maart 1991 werden de eerste vrije verkiezingen gehouden. De aanhangers van het kapitalisme hadden niet stil gezeten. Liberaal conservatieven hadden in december 1990, de Democratische Partij van Albanië opgericht. Bij de eerste vrije verkiezingen won de PPSh nog de meerderheid. Maar de partijleiding besloot om voorgoed afstand van het marxisme te nemen!

Op 5 juni  1991 werd besloten om de Albanese Partij van de Arbeid te hernoemen. De PPSh werd de PSS, de Socialistische Partij van Albanië. Het dogmatische stalinisme werd overboord geworpen en de partij nam de sociaal democratie aan als officiële ideologie. Toch zou hun dat niet helpen. Na 48 jaar stalinistische overheersing was men de ex-stalinisten meer dan zat. De Democratische Partij van Albanië won 57% van de stemmen bij de verkiezingen van 22 maart 1992. Zeven jaar na de dood van Enver Hoxha, kwam een einde aan de Socialistische Volksrepubliek Albanië. De aanhangers van het kapitalisme hadden gewonnen!

De nieuwe kapitalistische overheid beloofde rijkdom en veel vrijheid voor de Albanezen. Echter al snel werd duidelijk dat het kapitalisme niet voor eerlijke verdeling van de welvaart zou staan. De liberaal conservatieven begonnen met de shock therapie en privatiseerde massaal de gehele economie. Duizenden arbeiders verloren hun banen, gezondheidszorg en onderwijs moesten geld gaan vragen en de armoede steeg enorm. Massale woede was het resultaat, woede gericht tegen de liberaal conservatieven van de Democratische Partij van Albanië!

Ondertussen werd het land hernoemt in Republiek Albanië. Europese leiders waren heel tevreden over de neoliberale transformatie die het land onderging. Dat de armoede toenam deed hun weinig. Nee, het Europese kapitalisme kreeg toegang tot de Albanese arbeidsmarkt en daar waren veel kapitalisten blij mee. Echter de woede was groot en de verkiezingen van 1996 zouden uitlopen tot massieve protesten en een opstand!

Al voor de verkiezingen waren er onrusten. Veel Albanezen waren woedend over de armoede en de corruptie, die ontstaan was door de invoering van de markt economie. De overheid deed niets om de mensen te beschermen tegen maffia organisaties en georganiseerde misdaad. Toen de verkiezingen kwamen bleek ook dat de liberaal conservatieven bezig waren met intimidatie van stemmers en verkiezingsfraude. De sociaal democraten van de PSS weigerde daarom om plaats te nemen in het parlement. Ook internationale waarnemers verklaarde dat de verkiezingen niet betrouwbaar en eerlijk verlopen waren. De rechtse Democratische Partij van Albanië won de verkiezingen van 1996, maar de uitslag werd door de internationale gemeenschap en de PSS niet erkend!

Om alles nog erger te maken ontstond in december 1996 een financiële crisis. 2/3 van alle Albanezen raakte hun geld kwijt toen enkele investeringsfondsen failliet gingen. De kapitalistische overheid kreeg de schuld, meer dan de helft van het bruto binnenlandse product ging in rook op. Duizenden Albanezen gingen de straat op om hun geld van de overheid te terug te eisen. Op verschillende plaatsen namen lokale comités de macht over van de regering. Als Albanië een arbeiderspartij op een socialistisch programma had gehad, dan was een socialistische revolutie mogelijk geweest. Helaas werd het verzet tegen de Democratische Partij van Albanië geleid door de sociaal democraten, die niet met socialistische alternatieven kwamen!

Toen in maart 1997 de anarchie volledig was, besloten Duitsland en Italië om hun mensen te evacueren. Het was de eerste keer dat de Duitse Bundeswehr zou schieten op buitenlanders sinds 1945. Radicale Albanese nationalisten wisten dit te misbruiken en beweerde dat de oude fascisten weer terug waren om Albanië te veroveren. De burgeroorlog duurde slechts 10 dagen, maar in deze korte tijd werden bijna 4.000 mensen gedood. Nadat de VN de orde had hersteld werden nieuwe verkiezingen gehouden. Deze werden gewonnen door de sociaal democraten (ex-stalinisten) van de PSS. Na vijf jaar waren de voormalige aanhangers van Enver Hoxha waar aan de macht. Ondanks de hoop van miljoenen bleek de PSS niet bereid om linkse politiek te voeren!

De sociaal democraten deden niets om het kapitalisme te beperken. Het vertrouwen van zo veel arbeiders en armen werd grandioos misbruikt door de ex-stalinisten. De motivatie om te gaan stemmen zou hierdoor flink dalen. Vier jaar na de overwinning van de sociaal democraten won een coalitie bestaande uit neoliberalen, conservatieven en nationalisten de verkiezingen. Echter de sociaal democratische PSS bleef de grootste partij in het land. Om het internationale kapitalisme tevreden te houden, besloten de sociaal democraten om een coalitieregering op te stellen met de rechtse partijen!

In 2004 kwam een nieuwe politieke partij op het toneel. De Socialistische Beweging voor Integratie (LSI) wordt geleid door Ilir Meta, een ex-lid van de PSS. Hij wist bij de verkiezingen van 2005 door te breken met zijn LSI. Hij poogde voor Europese integratie wat veel jongeren aansprak. Meta beweerde dat de Albanië zich moest aansluiten bij de Europese Unie, hierdoor zouden veel problemen opgelost zouden worden. Veel jongeren waren bereid om deze illusies te geloven. Albanië is heel arm en Europa leek zo rijk en welvarend. Veel jonge Albanezen zochten hun geluk daarom ook in het westen en vertrokken. In eigen land poogde Ilir Meta voor keiharde bezuinigingen en neoliberaal beleid om in aanmerking te komen voor lidmaatschap van de EU!

Bij de volgende verkiezingen won de Alliantie voor Verandering. Deze centrum-rechtse alliantie was gevormd rond de Democratische Partij van Albanië. Ilir Meta en zijn Socialistische Beweging voor Integratie namen het aanbod van de liberaal conservatieven aan om een pro-Europese regering samen te stellen. De sociaal democraten van de PSS moesten de oppositie in terwijl de LSI met neoliberaal rechts in zee ging. Hierdoor bewees ook deze sociaal democratische partij dat ze niet voor socialistische politiek stonden. Zowel de Socialistische Partij van Albanië als de Socialistische Beweging voor Integratie bevorderen het kapitalisme!

De Europese Unie had grote vraagtekens bij Albanees lidmaatschap. Brussel vond dat het land niet klaar was om lid van de EU te worden. Ondertussen flirtte de liberaal conservatieven met de Amerikanen. President George W Bush was al in 2007 ontvangen als een held door de rechtse regering, die hoopte op erkennen en steun vanuit Washington DC. Het gezicht van George W Bush werd in het groot afgebeeld op de piramide van Enver Hoxha, waar de stalinistische dictator eigenlijk in begraven had moeten worden. Terwijl het netto inkomen van veel Albanezen niet honger is dan 370 euro per maand, werd de voormalige conservatieve president van de V.S vereerd als held door de bourgeoisie!

Albanië is tegenwoordig een pro-Amerikaans land. De regering steunt de Amerikaanse overheid in bijna alles. Zo is er een standbeeld van George W Bush gemaakt en worden de Amerikanen vereerd als het ”voorbeeld” van de democratie. De arme Albanezen worden verteld dat Amerika het land van de vrijheid is en dat vooral dankzij Amerika zij nu in vrijheid leven. Die zogenaamde vrijheid is relatief, zeker als je door financieel gebrek niet kunt reizen. Vooral ouderen hebben het zwaar in het huidige neoliberale klimaat. De gezondheidszorg is duur, velen leven thuis en worden verzorgt door hun kinderen. Het zijn dan ook ouderen die nog nostalgisch terugdenken aan de tijd van Enver Hoxha. Hoe wreed hij ook was, hij gaf de Albanezen het gevoel dat het land voor hun was. Tegenwoordig heerst geen algemeen belang meer, alles en iedereen draait om geld, status en persoonlijke macht!

Bij de verkiezingen van 2013 won een pseudo-linkse coalitie van PSS en LSI, de meerderheid van de stemmen. De opkomst was echter historisch laag met slechts 50%. Het vertrouwen in de Albanese politiek is zo goed als nul. Zowel de PSS als de LSI bieden geen socialistische alternatieven op de liberaal conservatieven en hun bondgenoten. De Socialistische Beweging voor Integratie (LSI) heeft meer te maken met neoliberale integratie in de EU dan de opbouw van een socialistische gemeenschap!

Revolutionair socialisten roepen Albanezen op om een arbeiderspartij op te bouwen. Zo’n arbeiderspartij moet breken met de logica van het kapitalisme. Dit zal lastig worden omdat de liberaal conservatieven en hun bondgenoten het stalinisme van Enver Hoxha, tegen de arbeiderspartij zullen gebruiken. Men zal marxistisch socialisme vervloeken, zwart maken en met Hoxha gelijkschakelen. Toch is het noodzakelijk dat een partij voor het werkende volk wordt opgericht. Socialisme is nooit opgebouwd in Albanië, dat moet duidelijk gemaakt worden. Wat Enver Hoxha deed was stalinisme mixen met Albanees nationalisme, dat staat mijlen ver van het socialisme waarin Marx en Lenin geloofde!

 

Enver Hoxha is nog populair bij ouderen!

Enver Hoxha is nog populair bij ouderen!

Advertenties