60 jaar Hongaarse Revolutie

23 oktober 1956, de arbeidersklasse van de Volksrepubliek Hongarije komt in opstand. In opstand tegen het stalinisme. Hongarije is dan al bijna acht jaar een wrede dictatuur. Mátyás Rákosi was door Joseph Stalin aangesteld als dictator. Hij liet meteen 300.000 Hongaren opsluiten en zijn geheime politie (de AVH) was overal aanwezig. Na Stalin’s dood, begon de macht van Rákosi af te brokkelen. In juli 1956 werd hij opzij gezet, maar dat kon de groeide volkswoede niet stoppen. Op 23 oktober kwamen de massa’s in opstand wat tot revolutie leidde. Mao Zedong in China eiste dat Sovjet leider Nikita Khrushchev ingreep om het stalinisme te redden. Na lange aarzeling ging Moskou akkoord en Sovjet tanks maakte hardhandig een einde aan de proletarische opstand in Hongarije!

Het Koninkrijk Hongarije was de naam van het land, nadat de socialistische revolutie in 1919 was neergeslagen door het Roemeense leger. De Hongaarse Sovjet Republiek bestond maar enkele maanden. Na de val van de raden-democratie werd een autoritaire monarchie in het leven geroepen. In plaats van een koning kwam echter een regent aan de macht, de dictatoriale: Miklós Horthy. Deze admiraal uit de Oostenrijkse-Hongaarse marine, was een typische conservatief. Anticommunistisch, antidemocratisch en antisemitisch. Daar kon de heersende klasse wel wat mee. Horthy keek de andere kant op toen zijn rechtse officieren een massamoord op aanhangers van de verdreven raden-regering doorvoerde. Ongeveer 5000 revolutionaire Hongaren werden vermoord waaronder heel wat joden!

Eind jaren 30 stond Hongarije tussen twee groeide wereldmachten. De stalinistische USSR en Nazi Duitsland. Horthy zag in Adolf Hitler een bondgenoot, zeker omdat de anticommunistische regent zich wel kon vinden in de Führer. In het kabinet van Horthy zaten ook veel antisemieten die de anti-joodse houding van de Duitsers zeer konden waarderen. Hongarije sloot zich dus aan bij de Asmogendheden. Toen Hitler de aanval op de Sovjet-Unie opende wou de regent zich eigenlijk neutraal houden, maar de Duitse eiste zijn medewerking. Nadat de Sovjet luchtmacht per ongeluk Hongaars grondgebied had aangevallen, koos Hongarije ervoor om mee te doen met de ”kruistocht tegen het bolsjewisme”!

Het Hongaarse leger werd naar Stalingrad gestuurd door de Duitse legerleiding. Daar participeerde het in titanen strijd. De Hongaren moesten de Duitse linies beschermen tegen Sovjet aanvallen rond de stad. Probleem was dat het Hongaarse leger zeer slecht bewapend was en ook niet bepaald gedreven om de ”bolsjewistische” vijand te bevechten. Toen de Sovjets de tegenaanval opende op de Hongaarse linies werden die makkelijk gebroken. Van de 200.000 Hongaren zouden meer dan 84% sterven. Admiraal Horthy zag dat het fout ging en deed wanhopige pogingen om vrede met Stalin te zoeken in 1944. Hitler greep in en de regent werd afgezet. De Duitsers zette de fascistische: Pijl Kruis Partij aan de macht. Die liet meteen alle joden oppakken en afvoeren naar de vernietigingskampen. Vanuit de samenleving kwam nauwelijks tot geen verzet, omdat het antisemitisme al onder Horthy aangewakkerd was!

Van de 1.000.000 joden die in Hongarije woonde, zouden 600.000 de oorlog niet overleven. Het is nog altijd taboe om de schuld bij de Hongaarse samenleving te leggen. De huidige conservatieve regering wil vooral het land als ”slachtoffer” van het nazisme en stalinisme neerzetten. Dat Hongarije vrijwillig meedeed met Hitler en dat er ook geen massaal verzet kwam tegen de Pijl Kruis Partij, bewijst dat veel Hongaren geen probleem ermee hadden dat de joden ”opgeruimd” werden. Net als Oostenrijk ziet Hongarije zich liever als slachtoffer van totalitaire ideologieën. Nee, de schuldigen zijn de enkel en alleen de nazi’s, die hebben de Hongaarse joden vermoord aldus de huidige staatspropaganda. Echter het feit blijft nog steeds dat de joden door politie en overheid uitgeleverd werden. Het overheidsapparaat onder leiding van de Pijl Kruis Partij bleef dat doen wat Hitler beval. Daarmee is de Hongaarse staat medeverantwoordelijk voor de Holocaust!

De Partij van Communisten in Hongarije was na de ondergang van de Hongaarse Sovjet Republiek uit elkaar gevallen. Stalin had de meeste Hongaarse communisten vermoord in de jaren 30, dus van de oude partijleiding uit 1919 was niets meer over. Een jong partijlid genaamd Janos Kadar stichtte in 1943 de Vredes Partij. Die naam droeg zijn partij maar een klein jaartje, want toen Horthy vrede begon te zoeken met Stalin besloot Kadar om zijn partij de Hongaarse Communistische Partij te noemen. Na de val van de regent werd het Koninkrijk Hongarije afgeschaft. Een nieuwe burgerlijke republiek werd in het leven groepen. De jonge Kadar mocht geen partijleider blijven. Stalin koos voor Mátyás Rákosi, een harde stalinist die de zuiveringen van de jaren 30 overleeft had!

Tussen 1945 en 1949 deed de communistische partij alsof ze trouw was aan de burgerlijke democratie. De verkiezingen van 1945 gaven echter de Onafhankelijke Klein Aandeelhouders Partij, de macht over het land. Deze conservatieve nationalistische partij werd enorm geminacht door de stalinisten en Moskou. Sovjet maarschalk Kliment Voroshilov eiste dat de stalinisten deel werden van de regering. Want de Hongaarse Communistische Partij had maar 17% van de stemmen gewonnen. Pas na veel dreigementen ging de Onafhankelijke Klein Aandeelhouders Partij akkoord met een coalitieregering!

Maar de pionnen van Moskou hadden geen democratische bedoelingen. Op bevel van Rákosi begon de politie (die stond vanaf 1947 onder controle van de communistische partij) met het arresteren van critici. Ondanks protesten van de burgerlijke partijen gingen de stalinisten door met het arresteren van wat ze: ”vijanden van het volk” noemde. Bij de volgende verkiezingen in het jaar 1947 werd de Hongaarse Communistische Partij de grootste, ook al haalde ze geen meerderheid. Deze verkiezingen waren al deels oneerlijk door de intimidaties van de nu stalinistische politie. Rákosi zetten zich neer als een echte Hongaarse nationalist en brulde dat alleen hij de voorhoede was van de Hongaarse belangen in de wereld. Slechts een minderheid geloofde hem!

Moskou eiste de volledige vernietiging van de oppositie. Op bevel van Stalin moesten de sociaal democraten fuseren met de stalinisten tot de Hongaarse Werkende Volkspartij (MDP). Partijleider Rákosi hief de communistische partij op, ook al was de nieuwe MDP gewoon een voortzetting van zijn oude partij. De sociaal democraten die zich niet onderwierpen werden geroyeerd en op 18 augustus 1949 kwam een einde aan de Hongaarse Republiek. Het land kreeg de naam: Hongaarse Volksrepulbiek. Volgens de nieuwe grondwet was het land op weg om onder MDP bestuur het ”socialisme op te bouwen”. We weten echter allemaal dat er van echt socialisme geen spraken was, in het koninkrijk van Mátyás Rákosi!

Stalinistisch Hongarije bouwde het ”socialisme in eigen land” op, aldus de propaganda van de MDP. Om dit duidelijk te maken ging men behoorlijk nationalistisch optreden. Het Hongaarse volk was nu aan de macht, zo brulde ”Grote Leider” Mátyás Rákosi. De arbeidersklasse liet zich echter niet misleiden. De haat tegen de Hongaarse Werkende Volkspartij was al vanaf 1948 duidelijk. Arbeiders waren niet dom en zagen de MDP aan als een dictatoriale partij in dienst van een buitenlandse macht. In hetzelfde jaar dat de MDP werd opgericht, hadden de stalinisten ook hun geheime politie in het leven geroepen. De AVH of staatsveiligheidsautoriteit kreeg een gevreesde en gehate reputatie. 300.000 Hongaren zouden tussen 1948 en 1956 opgepakt, gemarteld en opgesloten worden!

Meteen nadat hij leider van de Hongaarse Volksrepubliek was geworden, bouwde Mátyás Rákosi aan zijn eigen persoonlijkheidscultus. Hij werd de vader van de Hongaarse natie. Vader van een land dat hem enorm minachtte omdat hij via intimidaties, terreur en de Sovjet-Unie aan de macht was gezet. Toch lukte het de stalinistenleider om op economisch gebied wel vooruitgang te maken. De corrupte kapitalistische elite, die Miklós Horthy door dik en dun gesteund hadden waren volledig vernietigd. De bezittende klasse was vergaan en de productiemiddelen waren eigendom van de gemeenschap. Economisch gezien waren de jaren 1948-1956 niet super slecht. Maar door de totalitaire cultuur groeide de woede van het proletariaat!

In juli 1953 werd Mátyás Rákosi afgezet als Voorzitter van de Ministerraad. Zijn opvolger was de gematigde stalinist: Imre Nagy. Deze Nagy wou grootschalige hervormingen. Je kunt hem wel de Gorbachev van Hongarije noemen in de jaren 50. Maar de Sovjet autoriteiten vonden hem maar niets. Nagy’s politiek bedreigde de elitaire positie van de MDP als ”leidende kracht” in de samenleving. Dus na twee jaar werd hij afgezet en vervangen door András Hegedüs. Die was min of meer een speelbal van Rákosi en de Sovjet-Unie. Via de Hongaarse Werkende Volkspartij had Rákosi nog steeds enorm veel macht. Moskou had hem graag terug gezien als Voorzitter van de Ministerraad. Maar dat vonden de Hongaarse stalinisten te riskant, gezien zijn onpopulariteit!

De val kwam in februari 1956. Het begon met een geheime toespraak van Nikita Khrushchev. Hierin bekritiseerde de Sovjet leider, de politiek van Joseph Stalin. Dat was ”heiligschennis” en veroorzaakte een enorme shockgolf door de stalinistische wereld. Sinds eind jaren 20 had niemand openlijk kritiek gegeven op Stalin. Wie dat wel deed werd in de jaren 30 opgepakt door de NKVD en afgevoerd naar een goelag kamp. Veel Stalin aanhangers waren totaal van de kaart, toen ze de waarheid over hun icoon te horen kregen. De anti-Sovjet opstand in Polen versterkte de drang naar vrijheid en de afkeer van het stalinisme. Bij de MDP begon men nerveus te worden nu duidelijk werd dat de arbeidersklasse zich tegen ”hun” partij keerde. De partijleiding nam actie en Mátyás Rákosi werd aan de kant gezet. De ”vader van het socialistische Hongarije” kreeg te horen dat hij moest vertrekken. Rákosi werd naar de Sovjet-Unie gestuurd en zou daar tot zijn dood blijven!

András Hegedüs kon de onrusten niet tegenhouden. Op 23 oktober 1956 deed hij afstand van het voorzitterschap van de ministerraad. De gematigde; Imre Nagy werd weer leider van Hongarije. Maar zijn macht bleek beperkt. Want arbeiders hadden schoon genoeg van de Hongaarse Werkende Volkspartij en het stalinisme. In fabrieken, op het land en in de steden kwamen de mensen bijeen en vielen partijkantoren en overheidsgebouwen aan. Het Rákosi embleem werd uit de nationale vlag geknipt en het Stalin standbeeld in centraal Boedapest neergehaald. Familie leden van Sovjet soldaten vluchten de stad uit nu de massa’s in opstand waren gekomen. Een woedende menigte trok naar het gebouw waarin de staatsveiligheidsautoriteit sinds 1948 zat. AVH agenten en medewerkers werden vogelvrij verklaard, wie niet kon vluchten werd gelyncht. Na jaren van terreur door AVH agenten was de angst verdwenen, nu wou men wraak!

Hoewel Imre Nagy geen bloedbad wou, waren zijn opties beperkt. Overal in het land namen arbeidersraden de functies van de MDP over. Die storten als een kaartenhuis volledig in elkaar. Je kunt zeggen dat op 23 oktober 1956, de Hongaarse Werkende Volkspartij volledig ophield met bestaan. Partijfunctionarissen bleven thuis en durfde zich niet op straat te vertonen. Veel lagere partijleden sloten zich zelfs aan bij de opstandelingen. Die spraken zich uit voor een democratisch socialisme en de afschaffing van het stalinisme. Dat was het doel van de revolutie. Niemand wou kapitalisme of de dictatuur van de voormalige bourgeoisie!

Legerofficier; Pál Maléter kreeg bekendheid onder de Hongaren, toen hij weigerde om de opstandelingen dood te schieten. Maléter was een communist die tijdens de tweede wereld oorlog aan de kant van de Sovjet-Unie vocht, tegen de Hongaarse fascisten. Voorzitter Nagy benoemde Pál Maléter tot generaal in het Volksleger en Minister van Defensie. Een grote verantwoordelijkheid voor de 38 jarige officier. In Moskou was het ondertussen paniek. Vanuit China eiste Mao Zedong dat Nikita Khrushchev met geweld een einde maakte aan de ”contrarevolutie” in Hongarije. Maar de Sovjet-Unie twijfelde enorm. Na de onrusten in Polen was Khrushchev niet bepaald warm voor een invasie. Maar de stalinistenleiders van Oost Europa poogde voor interventie, om het ”socialisme” zogenaamd te redden!

Op 25 oktober begon het serieus te worden. AVH agenten opende het vuur op demonstranten in Boedapest, daarbij vielen doden. De bevolking greep naar wapens om terug te schieten. Vaak kregen ze die van politie agenten en soldaten die zich bij de opstandelingen aansloten. De AVH agenten konden zich niet lang houden en werden overmeesterd door woedende arbeiders. In de rest van het land bleef het militair passief. Terwijl MDP kantoren in vlammen opgingen, weigerde bijna alle commandanten om in te grijpen. Sommige stalinisten besloten om niet toe te kijken. In sommige arbeiderswijken van Boedapest vormde MDP partijleden milities om tegen de opstandelingen te vechten. Het was wel duidelijk dat de regering van Imre Nagy de controle verloor!

Sovjet soldaten en tanks hadden zich uit de hoofdstad terug getrokken. Hier en daar kwamen ze al in contact met opstandelingen wat tot gevechten leidde. Sovjet soldaten merkte dat elementen uit het Hongaarse Volksleger meededen met de rebellen. In Boedapest verklaarde Imre Nagy op 28 oktober dat een nieuwe regering was gevormd. De opstand was volgens voorzitter Nagy geen contrarevolutionaire coup, maar een nationale democratische revolutie. De nieuwe regering hief de gehate AVH op en vormde een nationale garde om het land te beschermen. Alle Sovjet soldaten moesten de hoofdstad verlaten, Imre Nagy wou meteen gaan onderhandelen om de Sovjet legers uit Hongarije te krijgen!

Nu vond Moskou dat het tijd werd om Hongarije binnen te vallen. Khrushchev besloot op 31 oktober om over te gaan tot interventie. Vooral de positie van Nagy dat Hongarije uit het Warschaupact zou stappen schijnt de Sovjet leider overgehaald te hebben. Ondertussen had Moskou de ideale marionet om een ”toekomstige arbeiders en boeren regering” te leiden. Janos Kadar was door Imre Nagy aangesteld als partijleider van de Hongaarse Werkende Volkspartij. Kadar wist heel goed dat er van de staatspartij niets over was. Er moest een nieuwe partij komen en dus stichtte hij en Nagy de Hongaarse Socialistische Arbeiders Partij (MSZMP). Het was de bedoeling (in de optiek van Nagy) dat deze nieuwe communistische partij het stalinisme zou verwerpen, maar de MSZMP werd juist een instrument van een nieuwe stalinistische bureaucratie!

Op 1 november 1956 staken Sovjet tanks de grens over.  Dit terwijl voorzitter Nagy eerder van Sovjet ambassadeur Yuri Andropov te horen had gekregen, dat de USSR zijn land niet zou binnen vallen. De gehele regering (inclusief Janos Kadar) riep de Sovjet-Unie op om de neutraliteit van Hongarije te respecteren. Pál Maléter werd naar de Sovjets gestuurd om te onderhandelen. Maar in plaats van met de Minister van Defensie te onderhandelen, pakte de Sovjets de jonge minister op. Voorzitter Nagy werd op 4 november verraden door Janos Kadar, die een pro-Sovjet regering uitriep in oppositie tegen Nagy’s regering in Boedapest. Een dag later rolden de eerste tanks de hoofdstad binnen. Dappere arbeiders, jongeren, ouderen en soldaten deden hun best om de stad te verdedigen. Maar ze hadden niet de middelen om de T-54 tanks tegen te houden!

Sommige onderdelen van Hongaarse Volksleger deden hun naam eer aan en vochten als een volksleger tegen de invasiemacht. Maar tegen overmacht was weinig te doen en de meeste legereenheden lieten zich ontwapenen. Het Hongaarse Volksleger hield op met bestaan. Janos Kadar werd ondertussen de nieuwe Voorzitter van de Ministerraad toen Boedapest op 9 november 1956 viel. Vijf dagen eerder sprak Imre Nagy zijn laatste woorden richting het westen, waarin hij om hulp vroeg. Maar hulp kwam niet en de voormalige leider van de Hongaarse Volksrepubliek zocht toevlucht in de Joegoslavische ambassade!

Op 22 november kreeg Nagy van Kadar te horen dat hij vrij was om Hongarije te verlaten. Weer een leugen van de verrader, want toen Imre Nagy de ambassade verliet werden hij en zijn medewerkers overmeesterd door Sovjet soldaten. Hij werd naar Roemenië gebracht waar de KGB hem bijna twee jaar gevangen hield. In 1958 brachten ze hem terug naar Hongarije. Samen met Pál Maléter werd Imre Nagy veroordeeld wegens ”verraad aan de volksdemocratische regering van Hongarije”. Op 16 juni 1958 kregen de twee helden de kogel in de nek. Ze werden gezicht neerwaarts begraven, in de gevangenis waar de executies plaats vonden!

De verrader Janos Kadar leidde het meest pragmatische stalinistische regime van Oost Europa. Waar Mátyás Rákosi juist dogmatisch, totalitair en wreed optrad, probeerde Kadar juist toleranter te zijn. Men noemde zijn bewind ook wel ”Goulash Communisme”, maar van echt socialisme was natuurlijk geen spraken. De arbeidersraden die in 1956 voor enkele dagen aan de macht waren, werden direct ontbonden. Stalinistische staatsmanagers werden weer aangesteld om de economie te besturen. Net als Rákosi probeerde Kadar met nationalisme aanhangers te winnen. De MSZMP wou vooral een Hongaarse partij zijn en deed enorm haar best om niet al te dictatoriaal over te komen. Natuurlijk konden ze niet maskeren dat de nieuwe kaste van stalinistische bestuurders voordeeltjes kregen!

Nikita Khrushchev was tevreden met de nieuwe Hongaarse leiding. Echter hijzelf werd in 1964 opzij gezet door conservatieve stalinisten rond Leonid Brezhnev. De Sovjet-Unie werd onder deze Brezhnev erg inflexibel en stagneerde. Moskou vond dat pragmatisme van Janos Kadar niets, maar omdat hij loyaal was aan het stalinisme als systeem, lieten ze hem met rust. Kadar kreeg in 1986 een grote bondgenoot toen Micheal Gorbachev gekozen werd als partijleider van de Communistische Partij van de Sovjet-Unie. Net als Kadar was Gorbachev pragmatisch en minder dictatoriaal.

In 1988 stapte de bejaarde MSZMP leider op. Hij was van oktober 1956 tot mei 1988 aan de macht geweest. Een jaar later stierf Janos Kadar op 77 jarige leeftijd. In een ironische draai zou Hongarije precies drie maanden na zijn dood, het stalinisme voorgoed verlaten. De Hongaarse Socialistische Arbeiders Partij liet het socialisme als een baksteen vallen en werd de Hongaarse Socialistische Partij, een neoliberale partij anno 2016!

Wat is de erfenis van oktober 1956?  De huidige rechtse machthebbers in Hongarije zetten de revolutie neer als een antisocialistische volksopstand. Hoewel sommige opstandelingen zeker gedreven zullen zijn geweest door diepe minachting voor het marxisme, was er nergens spraken van een drang om terug te keren naar het conservatieve regime van Miklós Horthy. Veel arbeiders in Boedapest en de arbeidersraden wouden juist socialisme opbouwen. Dit socialisme moest democratisch zijn en vanuit de arbeidersklasse gedragen worden. Als de Sovjet-Unie niet had ingegrepen was Hongarije misschien wel een echte socialistische democratie geworden. Dat willen de huidige machthebbers niet rondvertellen. Nee, de conservatieve regering van Viktor Orban slaat antisocialistische taal uit om vooral de jeugd te hersenspoelen, met afkeer en haat richting het marxistische ideaal!

Bij veel oudere Hongaren is nog een bepaald nostalgisch gevoel richting Janos Kadar. Deze generatie is opgeroeid toen de Hongaarse Volksrepubliek redelijk tolerant stond tegenover het volk. Ook was de economie van het land, eigendom van de staat en de sociale ongelijkheid was veel kleiner. Tegenwoordig is het modaal inkomen in Hongarije nog geen 600 euro netto per maand, te weinig om een goed leven te kunnen leiden. 27 jaar na de ondergang van het stalinisme merkt vooral de generatie die Kadar hebben meegemaakt, dat ze iets positiefs verloren hebben. Doordat er geen socialistisch alternatief bestaat op de rechtse partijen (inclusief de ex-stalinisten) stemt tegenwoordig 1/3 van de Hongaren niet. Bijna 39% bleef thuis bij de laatste verkiezingen in 2014!

In 1956 lieten de Hongaarse arbeiders zien dat ze het potentiaal bezitten om de macht te grijpen. Echter het stalinisme ontnam hun die mogelijkheid. Het kapitalisme zal dat ook doen. Want er heerst een nieuwe klasse, de klasse van de kapitalisten. Om deze klasse te vernietigen is een arbeiderspartij nodig op een socialistisch programma. Door de sociale stigma’s rond socialistische opvattingen, is het lastig om je uit te geven als revolutionair socialist. De regering van Viktor Orban heeft zelfs geprobeerd socialistische symbolen te verbieden om de arbeidersbeweging monddood te maken. Het Constitutionele Hof van Hongarije zette daar echter een streep door. De antisocialistische hetze van de regering mislukte en symbolen zoals de Rode Ster blijven legaal!

Deze antisocialistische hetze is eigenlijk pas vanaf 2013 begonnen. Daarvoor was de rechtse partij van Orban te zwak om echt vrijheden te beperken. Maar doordat veel Hongaren zich laten misleiden door etnisch nationalisme is het de nationale conservatieven gelukt om de meerderheid van de stemmen te winnen. De liberale oppositie geleid door de Hongaarse Socialistische Partij kan weinig doen. Het is ook hun eigen schuld, want de sociaal democraten hebben vanaf 1995 juist enorme bezuinigingen gesteund, die de arbeidersklasse zwaar raakte. In Hongarije zijn het de liberalen en sociaal democraten, die poogde voor massa privatiseringen en neoliberaal wanbeleid. Terwijl de nationale conservatieven zich juist tegen dit soort praktijken uitspraken. Viktor Orban kon hierdoor een groot deel van de arbeidersklasse voor zich winnen!

 

Een Hongaar vervloekt Stalin's hoofd om 1956!

Een Hongaar vervloekt Stalin’s hoofd in oktober 1956!

Advertenties